Gorges du Verdon – Moustiers-Sainte-Marie 52 Km

Het was best leuk kamperen gisteren op die half wilde camping, waar de tenten gewoon kris kras tussen de bomen stonden, tussen de bergen. Het koelde er ook behoorlijk af en vanochtend was het zelfs erg fris te noemen. Toch begon ik er ook vandaag extra vroeg aan, in de wetenschap hoe rap het begint op te warmen.
De route op de rechteroever is wat minder lang en minder zwaar dan de linkeroever, als je de Route des Crêtes niet meeneemt en dat deed ik dus wel. Zoals ik gisteren reeds zei: een stevige lus van goede 20 Km, ik kwam uiteindelijk op 21, extra. En stevig was ze inderdaad wel met fors klimwerk, met zo’n 1320 meter wat hoger dan gisteren ook. De rivier stroomt op een hoogte van 570 meter, de kloof is op dat punt dus 750 meter diep. Ik had op een bepaald moment ook mooi zicht over mijn parcours van gisteren, dat op dat punt het hoogste punt al wel even gepasseerd was. Hoe dan ook was het de extra inspanning wel waard. En op eind van de rit was daar dan terug het Lac de Sainte Croix, vanwaar ik eergisteren vertrok.
Zonder de Route des Crêtes zou de rit in zijn geheel op een 81 Km uitgekomen zijn, wat op zich eigenlijk niet teveel is maar het parcours en de omstandigheden maakten het toch anders. Hoe dan ook ben ik dus tevreden over mijn nachtje kamperen van gisteren en over de Route des Crêtes die ik nu wel deed. Het lijkt me in zijn geheel wel een leuke rit voor met de koersfiets, in totaal een gesloten rit van een 120 Km met stevig klimwerk maar zonder extremen en in een prachtige omgeving.

https://www.strava.com/activities/2564353654

Les Salles… – Gorges du Verdon 50 Km

Eerst nog even terug naar gisteren. Ik overnachtte aan het ac de Sainte Croix, een stuwmeer dat in 1974 gevormd werd. Op de bodem staan nog ergens de restanten van een dorp dat opgeofferd werd maar nu is het dus een idyllisch meer in een schitterende omgeving. Ik kon er vandaag ook nog lang op terugkijken, inclusief mijn startpunt.
Ook vanmorgen ben ik er extra vroeg aan begonnen. Vandaag stond een rondje “Grand Canyon du Verdon” op de menu, te beginnen met de linkeroever om terug te keren langs de rechteroever naar Moustiers-Sainte-Marie. Een rit van goed 80 Km om 12 Km te vorderen. Het beloofde ook een behoorlijk pittige rit te worden. Het begon al onmiddellijk met klimmen, de langste van de dag ineens. Na 10 Km passeerde ik het bordje met “Col d’Hilloire 967 m”, ik had toen 1u15 gefietst … een gemiddelde van net 8 KmH dus. De weg liep echter gewoon verder en ook verder omhoog. Ik zou de top van pas na 13 Km bereiken, goed voor een hoogte van 1.200 meter en nog een gemiddelde snelheid van 7,5 KmH. De temperatuur scoorde op die moment ook al behoorlijk hoge waarden. Ik had dan wel de top bereikt maar het bleef geregeld dalen en terug klimmen. Het werd me dan al snel duidelijk dat een volledig rondje heen en terug, zeker in de huidige omstandigheden, toch weer behoorlijk optimistisch geweest was. Het leek me dus best om de rit te onderbreken en ik ging er vanuit dat er aan de oversteek wel gelegenheid moest zijn. Voor ik die richting uitging heb ik wel eerst nog even Google Maps geraadpleegd, omdat er op een infobord van de volgende gemeente rechtdoor, Comps-sur-Artuby, ook enkele campings vermeld stonden maar dat was wel een stuk uit de richting. Google bevestigde dat er aan de overkant meerdere mogelijkheden waren en ik koos de eerste de beste waarvoor ik niet van mijn route moest afwijken. Het bleek een “municipal” die niet erg ontwikkeld is maar een goed sanitair heeft en mooi in het bos ligt. Het is wel een naaldbos en de dunne toppen bieden niet echt veel schaduw.
Op de route richting oversteek passeerde ik ook nog Trigance, een plaatsje dat niets betekent op de kaart maar toch wel even indruk maakte.
De Verdon stelt alvast niet teleur, de omgeving en de kloof zijn echt wel schitterend. En morgen doen we de rit nog eens over, aan de overkant en in de andere richting. De splitsing in 2 delen heeft mogelijk nog een extra voordeel. Het mooiste deel op de rechteroever is waarschijnlijk de “Route des Crêtes”, die de kloof meer volgt maar ook een zware extra lus van goed 20 Km betekent. Bij een directe heen en terug was dat zeker niet te doen maar met 2 halve ritten kan het misschien wel, met de nadruk op misschien. Het zal van het gevoel van de moment afhangen.

https://www.strava.com/activities/2561739012

Saint-Maximin… – Les Salles-sur-Verdon 72 Km

Ik ben er vanmorgen wat vroeger aan begonnen, kwestie van het maximum te halen uit de “frisse” ochtend uren. Tot een uur of 10 viel het ook nogal mee maar daarna schoot de temperatuur toch weer behoorlijk de hoogte in. Ik heb vandaag dan ook een concessie gedaan aan de warmte. Omdat ik vind dat ik met mijn bepakking op de fiets toch meer obstakel ben normaal draag ik steeds een geel hesje, vanaf vandaag draag ik dat niet meer maar hang ik het uitgespreid over mijn achtertassen. Ik draag ook steeds een bandana onder mijn helm, bij warm weer is dat een licht geval met veel verluchting maar ook die moest er deze namiddag aan geloven en vloog in de achterzak in de hoop om toch wat meer afkoeling te hebben. Mijn helm afzetten is geen optie, ook bergop niet.
Mijn rit begon vandaag over een iets grotere weg, tot Barjols, daarna werden het terug wat kleinere wegen. Maar eigenlijk was het de hele dag wel redelijk rustig. Alleen in Aups werd het plots filerijden, mogelijk zat de markt daar voor iets tussen. Verder leek het verkeer op de kleinere wegen vooral van de toeristen te komen. Zo lijk ik hier in de Verdon het hart van Belgisch Frankrijk gevonden te hebben. Ik kwam over heel Frankrijk wel behoorlijk wat Belgen tegen maar zoals hier was het nog nergens, soms leek het wel alsof ik bijna thuis was. Maar verder kom je hier zowat iedereen tegen: Denen, Zwitsers, Tsjechen, Italianen, (uiteraard) Duitsers en Nederlanders, tot zelfs een paar Monegasken toe.
De col van de dag was de Col de la Bigue met 785 m.
Verder liep mijn routine na aankomst zowat gelijk aan die van gisteren: een blik cola en spuitwater, een literfles voor de gelegenheid en dat was allemaal weg voor mijn tent goed en wel recht stond. Ik neem daar dan wel rustig de tijd voor. Na mijn douche, met warme douchegel, ben ik nog een fles gaan halen maar die is nog niet helemaal leeg. En dit komt bovenop mijn 3 liter water onderweg en een paar koffies. En de dag is natuurlijk nog niet ten einde. Er mag toch iemand de verwarming wat lager zetten van mij 😉

https://www.strava.com/activities/2559052519

Marseille – Saint-Maximin-La-Sainte-Baume 66 Km

Gisteren nog mijn plannen verder afgewerkt tot Esch-sur-Alzette, Luxemburg, nu zien of ik me er aan kan houden. Verder is het ’s avonds beperkt gebleven tot 1 Chouffe, het barmeisje van gisteren sloot de bar wat vroeger dan de barjongen van de dag ervoor.
Ook om Marseille te verlaten heb ik nog maar eens beroep gedaan op een GPS-route, het leek me toch een stuk makkelijker en dat was het ook natuurlijk. Al maakt zo’n route soms al eens een rare sprong om voor een stukje van de grote weg te kunnen verlaten. Na een kleine 15 Km verliet ik Marseille maar dan reed ik rechtstreeks Aubagne binnen. In Aubagne passeerde ik ook langs het Legioen, ik heb me maar niet aangemeld. Pas na 25 Km zou ik de drukte achterlaten in Gémenos, een rustig plaatsje aan de rand van de drukte. Ik nam er ook ineens maar een eerste korte schaduwpauze. In Gémenos zou ik namelijk ook de bergen in trekken, de bergen van het “Massif de la Sainte Baume”. Het ging eigenlijk al de hele tijd wel wat bergop maar hier begon het serieus met de Col de l’Espigoulier, goed voor een 11 Km klimmen naar een hoogte van 728 m. Best een leuke col, in een mooie omgeving, met af en toe ook een recuperatie stukje. Een aanrader voor de liefhebbers die toevallig eens in de omgeving zouden zijn. Hij is schijnbaar ook behoorlijk populair bij de lokale sportievere fietsers. Die keken wel met respect in mijn richting met mijn volle bepakking. Ik heb onderweg wel een paar foto- en de nodige schaduw/drink pauzes genomen. Na de top volgde een korte afdaling maar daarna nog een lang plateau met wat op en af.
Mijn eindpunt was dus St-Maximin-la-Ste-Baume. Zo’n GPS-route maak ik “van deur tot deur”, tot aan de ingang van de camping dus. Dat is wel makkelijk, je moet niet zoeken en kan zelfs hier en daar al eens een stuk afsnijden via een weggetje dat je anders nooit zou nemen. Ik heb al eens gezegd dat mijn routine, indien mogelijk, een frisse cola inhoud an aankomst op de camping. Vandaag heb ik bij dat blikje cola ook nog een blikje Perrier toegevoegd, 2 blikjes cola achtereen is me toch wat zwaar maar ik kon toch nog wat extra fris gebruiken. De douche was ook eerder fris, niet slecht vandaag, maar mijn douchegel was goed warm 🙂 Na de douche ben ik om nog een Perriertje gegaan, het ging allemaal vlotjes binnen.

https://www.strava.com/activities/2555982300

Marseille

De jeugdherbergen in Frankrijk hebben wel een beetje de aansluiting met de 21ste eeuw gemist. Dat ik gisteren op verplaatsing moest om te gaan wassen was nog zo’n probleem niet, het was ook niet te ver. Dat ze geen gastenkeukentje hebben, enkel een microgolf, is ook geen probleem, in Gent is het trouwens ook zo. Ik ben dan maar in de omgeving een burger met friet gaan eten, goede frieten overigens. In Brest hadden ze trouwens wel een wasmachine en een keuken. Maar dat er maar één stopcontact is op een kamer dat is niet meer van deze tijd, iedereen heeft wel telefoons en dergelijke om op te laden. In Brest waren er twee op de kamer, in aangepaste herbergen overal te wereld, of in Europa toch, heeft zowat ieder bed zijn eigen leeslamp met usb oplaadpunt. Ook wc en douche op de gang is toch eerder een zeldzaamheid aan het worden in de meeste herbergen.
Marseille was dan toch wel een bezoekje waard. Ik liet vandaag mijn fiets staan en ging met bus en metro naar het centrum. Je hebt er enerzijds grote art deco gebouwen langs de grote straten, waar sommige steden zoals Riga in Letland hun reputatie op bouwen, en anderzijds de kleine steegjes op de heuvels. En dat alles rond de oude haven die nu toch vooral een jachthaven geworden is met rondom vooral allerhande restaurantjes. Ik koos vanmiddag voor verse sardientjes met een slaatje en frietjes, franse frietjes deze keer maar toch ook niet slecht. De verse sardientjes waren trouwens ook erg lekker, eens wat anders dan deze uit blik. Voor vanavond heb ik nog een slaatje uit blik en een microgolf maaltijd. Afsluiten doe ik waarschijnlijk met een paar Chouffe’s, zoals gisteren al.
Verder ben ik druk bezig geweest met de terugkeer. Zoals in die andere Tour zie het er naar uit dat het zwaarste in het slot zal zitten. Het is mijn bedoeling om in het oosten te blijven en zo richting Luxemburg, het land, te rijden en het lijkt me dat daarvoor alleen maar zware opties bestaan.
Overigens om te eindigen: het is wreed warm in Marseille.

Port-de-Bouc – Marseille 53 Km

Krekels slapen inderdaad ook hier van 22u tot 07u 🙂
Vanmorgen wakker geworden met gerommel in de lucht. Het was echter ver genoeg verwijderd, bij ons was er enkel sprake van bewolking en ook die was al snel weggebrand.
Ik heb tot dusver weinig last gehad van muggen, wel van allerhande andere vlieg en kruip dingen maar niet van muggen. Eergisteren in Albaron waren er wel wat maar dat kan je verwachten natuurlijk in een omgeving met veel stilstaand water. Ook gisteren waren er wel wat muggen, hoewel de omgeving in het bos bepaald niet vochtig te noemen was. Het ergste moest vanmorgen echter nog komen. Ik zette me vanmorgen buiten om te ontbijten maar pakte al snel alles in. Ik heb zelfs gewoon alles zo vlug mogelijk ingepakt en vertrok zonder ontbijt, het was echt niet te doen. Ik brak mijn tentje af met mijn regenvest aan. Dat was geleden van … vorig jaar, in GB heb ik ook zo een aantal plaatsen gehad. Na 5 Km passeerde ik een bakker / patisier, waar ik uiteindelijk ontbijtte.
Ik noemde Port-de-Bouc gisteren zielloos maar wat ik bedoelde was eigenlijk mistroostig. In de ruime omgeving is alleen zware industrie te zien, veel daarvan is petro-chemie en staal industrie. Zelfs als je naar de stranden gaat is dat met zicht op die industrie en op een dik dozijn grote vrachtschepen net voor de kust. Het aansluitende Martigues is iets aantrekkelijker maar ligt ook nog steeds omgeven door zware industrie.
Ik had voor de tocht naar Marseille nog eens beroep gedaan op route you, tot aan de deur van de herberg. Dat was ook best want anders was ik er waarschijnlijk nooit gekomen. Ik had me voorgenomen om eerst nog een vrije, wat meer zuiderse, route te volgen maar de situatie in Port-de-Bouc was zo ingewikkeld en niet bewegwijzerd dat ik toch maar direct op GPS gereden heb. Wel goed bewegwijzerd waren de apotheken, gisteren kwam ik aan een kruispunt met wegwijzers naar 5 verschillende apothekers en naar niets anders. Ik zou wel eens willen weten hoeveel apothekers er eigenlijk zijn in Frankrijk, in kleine plaatsjes waar verder niets meer is vind je nog wel een apotheek en eventueel een bank. Apothekers lijken wel heilig te zijn in Frankrijk.
Terug naar de route van vandaag. Van Port-de-Bouc ging het dus aansluitend naar Martigues en dan even door de bergen tot aan de grote omgeving van Marseille, dat al een kilometer of 15 op voorhand begon. In het algemeen niet de meest inspirerende rit dus. Voor de herberg moest ik heel Marseille doorkruisen en ik heb me daarbij wel eens afgevraagd wat ik hier eigenlijk kom doen. De naam Marseille heeft altijd iets aanlokkend gehad maar volgens de eerste indruk ziet het er niet naar uit dat het tot mijn favoriete plaatsen gaat horen.

https://www.strava.com/activities/2550488956

Albaron – Port-du-Bouc

Gisteren in de bar eens gaan proeven van het lokale rijstbier, het valt best mee als fris pintje.
Vanmorgen opgestaan met een verontrustend grijze hemel. De zon deed wel moeite maar kwam er niet echt door. Het zou de hele dag wisselend bewolkt blijven, waarbij het op de middag achter mij toch wat dreigender werd maar er gebeurde uiteindelijk niets. Tegen de middag kwam er ook weer wind opzetten en hij kwam uit een slechte richting.
De Camargue heeft toch eerder teleurgesteld. Ik heb grote heide oppervlakten gezien, waar ik echter toch meer natland verwacht had. Dat zal waarschijnlijk wel veel te maken hebben met de algemene droogte van het moment. Ook van de hordes flamingo’s en paarden die je zowat beloofd worden door de toeristische industrie heb ik maar weinig tegengekomen, flamingo’s vandaag enkel in de vlucht. Wat me echter het meest stoorde was dat ik overal dezelfde velden zag als in de rest van Frankrijk, granen en zonnebloemen, en de rijstvelden mogen dan wel regio gebonden zijn, het zijn uiteindelijk toch ook maar velden. Ik las op een plakkaat dat 20 % van het park gecultiveerd wordt. Als je echter schat dat ongeveer de helft van het park uit water bestaat dan kom je al uit op 40 % van het land in het park dat gecultiveerd wordt. En als je dan nog bedenkt dat een groot deel van het land niet echt bereikbaar is dan kom je toch uit tot een heel stuk boven de helft van het land dat je te zien krijgt dat gewoon velden zijn en dat vind ik toch erg veel voor een “Parc Naturel”. Misschien waren mijn verwachtingen te hoog of misschien reed ik een verkeerde route maar voor mij was het dus toch eerder een tegenvaller, hoewel er wel veel vogels t zien waren.
Naar Port-du-Bouc komen was schijnbaar een vergissing, hoewel het er op kaart niet zo slecht uitzag. Het begon al een eind op voorhand toen ik op hele of halve snelwegen leek terecht te komen. Ik zag nergens een verbod en niemand reclameerde maar ik was er toch niet op mijn plaats. Bovendien liepen die wegen door grote industrieën, voor de omgeving moest ik het dus ook niet doen. Toen ik op zoek ging naar kleinere alternatieve wegen bleek ik ook te midden die industrie terecht te komen en moest ik dus terug naar de snelwegen, ik was al blij dat ik hier op een zaterdag door moest. Nabij Fos-sur-Mer koos ik uiteindelijk voor een dijk maar die weg was volledig opgebroken en dus ook niet echt aangenaam. Het verkeer, want dat was er toch een beetje omdat de stranden langs deze dijk lagen, was er wel véél trager. Op het einde van die lijdensweg was er een camping maar ze leken daar niet erg geïnteresseerd om mij te ontvangen dus ging ik verder op zoek naar een tweede camping, die ik wast dat ze er moest zijn. Ik hoopte ook nog een supermarktje tegen te komen maar dat lukte me niet, ik eet vandaag dus nog eens “rantsoen”. Een bakker voor het ontbijt van morgenvroeg vond ik wel. Ik zag waarschijnlijk enkel de buitenwijken maar de hele stad maakte mij een zielloze indruk. Ik vond de tweede camping en werd er wel ontvangen. Echt top is ze ook niet maar ik sta wel mooi in het bos, te midden de krekels. Benieuwd of deze ook de nachtrust gaan respecteren.

https://www.strava.com/activities/2547926267

Vic-la-Gardiole – Albaron 99 Km

De ferme van gisteren was, naast een paarden manege en een chambre d’hôtes, vooral een groot wijn domein. Eén van de nadelen aan de camping waren de krekels, waarvan enkele exemplaren net boven mijn hoofd. Ik geef eigenlijk meer de voorkeur aan vogels. Gelukkig respecteerden ze wel de stilte van 22 u tot 07 u 🙂
Vanmorgen ging het eerst met een lus terug richting kust. Een paar kilometer ver was er weer een camping aan, volgens de geafficheerde prijzen, 26 €. Op mijn weg richting kust kreeg ik een eerste voorproefje van de volgende dagen, ik zag mijn eerste flamingo’s. Aan de kust ging het langs een aantal badplaatsen, waarvan de grootste La Grande-Motte was. De omgeving van La Grande-Motte was zo één van die grote knooppunten waar je nu eenmaal langs moet. Een eind verder passeerde ik Aigues-Mortes. Aigues-Mortes was wel een bezoekje waard, een oud ommuurd vestingsstadje. Binnen de muren staat nu wel alles in het teken van het toerisme, eigenlijk is het een beetje een Meditiraanse versie van Saint-Malo. Voorbij Aigues-Mortes kwam ik zowat in de Camargue, hoewel ik pas kort voor het einde in het officiële park van de Camargue kwam. Hetgeen ik voorlopig zag was al mooi, met o.a. veel vogels, maar ik hoop morgen op toch nog wat indrukwekkenders. Ik geloof wel dat de Camargue ook wat onder de droogte te lijden heeft.
Eenmaal officieel in de Camargue werd het tijd om richting Albaron te gaan voor mijn camping. Ik koos voor een kleinere weg, in de veronderstelling van langs daar wat meer te zien. Wat ik niet verwachtte te zien waren grote rijstvelden. Ik heb er op mijn reizen al veel gezien maar ik had niet gedacht van ze ook nog eens in Europa tegen te komen. Aangekomen in Albaron zag ik geen aanwijzing naar een camping en ik bleek er geen bereik te hebben voor Google Maps. Net toen ik me omdraaide om raad te vragen aan een paar dames zag ik aan de overkant van de weg een groot plakkaat: Camping Crim Blanc 7 Km terug. Terug via de grotere weg tot bijna helemaal waar ik al geweest was. Als ik voor de grotere weg gekozen had an had het vandaag ook een 15 Km korter gekunnen 😦 Bovendien mag ik die 7 Km morgen ook nog eens doen want ik ga in die richting verder.

https://www.strava.com/activities/2545496910

Cessenon-sur-Orb – Vic-la-Gardiole 90 Km

Naast een zwak opgesteld tentje was er gisteren en vannacht ook nog een behoorlijke en soms erg onaangename wind. Ook bij het afbreken van de tent zorgde die wind voor wat extra aandacht. Gelukkig had ik hem tijdens de rit hoofdzakelijk wat van achter. Op sommige stukken was dat niet zo en dan kon ik voelen hoe het ook had kunnen zijn.
De echte bergen heb ik gisteren, met mijn lange afdaling, achter me gelaten maar dat wil niet zeggen dat er niet meer moest geklommen worden, toch minstens in het begin tot Béziers. De passage van Béziers was niet simpel maar is toch foutloos gelukt. Onder Béziers vond ik een fietsweg langs een kanaal die een heel stuk mijn richting uitging. De volgende stad die ik door moest was Agde, weer niet gemakkelijk maar wel weer foutloos. Het was er wel behoorlijk druk, ik stond er zowaar enkele keren mee in de file. Van Agde ging het naar Sète. Dit ging over een smalle strook land tussen zee en basin maar veel zag je daar niet van. Ik ging over een fietspad langs de duinen, waartussen ik af en toe de zee zag maar het basin aan de andere kant zag ik al helemaal niet. Sète had wel iets, iets mediterraans, maar het was er alweer te druk en ingewikkeld om zomaar ergens te stoppen. Alleen voor een Carrefour Express kon er even een halte af. Voorbij Sète moest ik dan tussen de grote en drukke wegen nog mijn route vinden naar Frontignan Plage voor een camping.
De eerste camping waar ik stopte rekende op 33 € om opgestapeld te staan tussen de andere gasten, als je uit je tent kwam moest je oppassen om niet direct bij de buren binnen te stappen. Bovendien leek de ondergrond zeker niet beter dan die van gisteren. Ik vond het dus wat veel en besloot om wat verder te zoeken, hoewel je kan verwachten dat gelijkaardige campings in dezelfde streek gelijkaardige prijzen zouden hebben. Hun buren aan de overkant van de straat hadden voor mij geen plaats meer. De derde camping die ik aandeed bleek een “CDSCA” camping te zijn, voorbehouden aan Franse militairen. Ik heb nog geprobeerd als gepensioneerd Belgisch militair maar het hielp niet, nog wat verder dus. De vierde camping was een echte camping. Ik mocht mijn plaatsje kiezen uit de nog beschikbare plaatsen en kon dan verder inchecken aan de receptie. Op het einde bleek dat de prijs op 62 € zou uitkomen: voor 1 man, 1 tentje, 1 fiets, 1 nacht en dan nog zonder de eventuele wifi. Ik had wel verwacht dat het mogelijk nog wat duurder zou zijn dan de eerste maar bijna dubbel zoveel? De Nederlandse dame aan de receptie wist me te vertellen dat er nog een eindje verder een “camping a la ferme” was en dat deze altijd wel een plekje hebben voor een fietser. Ik ging dus nog goed 2 Km verder naar de ferme, die normaal ook volzet maar voor een fietser inderdaad nog wel een plaatsje voor één nacht vonden en dit voor de schappelijke prijs van 15 €. Normaal is de prijs 26 maar ze hebben inderdaad een hart voor fietsers.

https://www.strava.com/activities/2542608137

Nages – Cessenon-sur-Orb 59 Km

Gisteravond zowaar mijn fleece moeten bij aan trekken om nog wat buiten te zitten. Het was ook vanmorgen dus weer redelijk fris maar toch minder dan gisteren.
Vandaag weer een kortere rit, verder over berg en dal. De cols van de dag waren de Col de la Frajure met 957 m en de Cold de Frontfroide met 972 m. Na die laatste volgde een heel lange afdaling, een kilometer of 14 geloof ik, die me terugbracht naar het niveau van Trébas eergisteren. Daarna ging het verder door de vallei van de Orb en ook het wijngebied van de Languedoc en erg mooi. In de vallei kwam wel ook de volle warmte terug.
Slapen doe ik vannacht ook aan de oever van de Orb, op de steentjes. Ik doe al een tijdje van deze fietsreizen met tent en heb al twijfelachtige ondergronden gehad maar zoals hier nog nooit. Op geen manier krijg ik hier een piket deftig in de grond. Van een buurman met tent heb ik gezien dat die gewoon nagels gebruikt heeft, met een stevige hamer krijg je schijnbaar wel behoorlijk de grond in. Als ik het op voorhand geweten had dan had ik nog wat doorgereden met hoop op beter verderop maar alles was al geregeld voor ik het ondervond en dan verander ik ook niet meer.

https://www.strava.com/activities/2539582554