Sinds 1 juli 2018 ben ik een jong gepensioneerd ex-militair, vandaar de 2018 in de titel.
Sindsdien vul ik mijn dagen met fietsen, wandelen, reizen en fotografie, liefst in combinatie met elkaar.
Ik had reeds een blog lopen maar ben daar schijnbaar op de limieten gelopen.
Wat vooraf ging: www.bloggen.be/dannyc2018
Het was vandaag best mooi weer maar de wind blijft me tarten. Voorbij Robe, waar ik mijn lunchbreak nam, ging het beter. Ik leek de wind er eerder in het voordeel te hebben en ook het asfalt liep er wat beter. Tot aan het slot, de laatste 6 Km, toen ik terug richting zee moest. Daar kreeg ik de wind weer op de neus en zag ik ook van over zee een grijze hemel naderen. Die grijze hemel naderde snel en de laatste 1,5 Km kreeg ik nog regen, ik deed er mijn regenjas niet meer voor aan maar werd op dat stukje toch nog behoorlijk nat. De plotse regen op een mooie was ook gespreksonderwerp in de receptie en later ook, onder de locals, in de supermarkt. Het scheelde niet veel maar ik bleef vandaag toch terug onder de 100 Km š .
Vandaag weer een behoorlijk frisse en heldere dag maar wel weer met stevige wind, bovendien kwam die wind uit de verkeerde richting en was er deze keer geen terugweg om te recupereren š . Vandaag begon ik echt richting Melbourne en Sydney te fietsen. Ik begon met over de berg te gaan, het eerste half uur was gewoon wreed. Verder bleef het weer op en af gaan en dus met overwegend tegenwind. Ik bereikte de kust terug bij Victor Harbour, vanwaar er een fietsroute richting mijn bestemming Goolwa liep. In Goolwa ging het eerst naar de toeristische dienst voor een infootje voor morgen. Er loopt vanuit Goolwa een op het zicht zeer interessante route naar mijn volgende bestemming maar ik wist niet of ik die wel kon of mocht nemen. Ze hadden geen goed nieuws voor mij, het kan en mag niet. Dat betekent dat ik morgen de langere omweg moet nemen en dus voor een zeer lange dag sta. Na de info ging het naar de supermarkt en dan op zoek naar mijn accommodatie. Ook vandaag overnacht ik weer in een park en weer een beetje anders. Wel mooi ruim en met alle faciliteiten. Hoewel het ook nog een behoorlijk groot park is had ik wel wat moeite om het te vinden.
Nog even een leuke van gisteravond: toen ik naar het sanitair ging, ik deel het sanitair van de camping, hupte er voor mijn neus een kleine kangoeroe over de camping š . Vanmorgen wel weer erg fris bij het opstaan maar onder een stralend blauwe hemel. Zo zou het ook gedurende de dag blijven, mooi blauw maar zonder erg warm te worden. Ik zou het grootste deel met lange mouwen fietsen en trok die bij aankomst in Penneshaw ook terug aan. Ik was wel blij dat ik ze voor die laatste klim wel al uitgedaan had. Zoals de rit naar Penneshaw eigenlijk eindigde in Cape Jervis, zo eindigde die naar Cape Jervis eigenlijk al in Penneshaw. Al moest ik deze keer aan de overkant wel nog een 3 Km fietsen maar die registreerde ik niet meer. Ik zag vandaag wel een paar andere fietsers, een lokaal koppel op de gravelfiets. Ik zag ook een auto wegwijzers aanbrengen, wegwijzers van het type die men bij ons ook wel eens gebruikt om een parcours aan te duiden. Toen ik in Penneshaw eerst nog ging lunchen, hoorde ik van enkele mensen dat ze met de volgende veerboot een 200tal fietsers verwachtten. Die zouden hier een week gaan rondtoeren. Dat leek me wel iets om te zien, 200 fietsers die van de boot kwamen, maar het werd een teleurstelling. De fietsen bleken in een vrachtwagen gezet voor de overtocht en al wat er van de boot kwam waren veel passagiers met een helm aan hun rugzakje š . Terwijl ik op die boot stond te wachten zag ik wel een groepje dolfijnen passeren š . Ik verblijf weer in een āparkā maar wel met een beetje een upgrade tegenover de vorige 2.
Het was vandaag wat frisser, ik fietste met lange mouwen. Er vielen ook de hele tijd wel eens wat druppels maar die zetten nooit door, een regenjasje droeg ik dus niet. Ik fietste vandaag een eindje verder, naar de āhoofdstadā van het eiland. Ik was weer goed op tijd en deed dus eerst een rondje, onder andere langs de āold mulberry treeā. De old mulberry tree is de enige overlevende van een boomgaard die door de eerste Europese settlers aangelegd werd in 1836 en zou nog steeds vruchten dragen, al heb ik die niet gezien. Het is waarschijnlijk ook nog wel wat vroeg op het seizoen, uiteindelijk is het nog maar lente. Mijn accommodatie ligt een beetje buiten de stad en is weer een āparkā, gisteren holiday en vandaag tourist š , deze keer wel in een cabin in plaats van een tent. De lokale overheid plaatste onderweg een verkeersbord voor mij alleen. Ik zag vandaag geen, levende, kangoeroes en al evenmin andere fietsers, ik alleen dus š .
Het was mooi om nog eens tussen de vogels te slapen, vogels die ik goed hoorde maar zelden zag en helemaal niet in beeld kreeg š¦ . Soms mis ik mijn zoomlens wel maar het is gewoon niet te doen om die op dit soort reizen mee te nemen. Vandaag maakte ik een daguitstap, een veel gematigder ritje dan gisteren maar toch wel weer met enkel pittige klimmetjes. Ook het weer was wat gematigder. Na de middag passeerde er een buitje maar toen was ik al even terug thuis. Mijn bestemming was Cape Willoughby en daarmee meteen ook de eerste vuurtoren van AustraliĆ«. De oude vuurtorenwachtershuisjes doen nu dienst als een museumpje en 2 vakantiewoningen. Tijdens een wandelingetje, na het buitje, kreeg ik toch enkele van die vogels behoorlijk in beeld.
Gisteren schreef ik dat vandaag het echte werk zou beginnen en dat is zo ook wel gebleken. Het was vanmorgen in Adelaide weer grijs en winderig maar onderweg klaarde het dan vrij snel op en werd het warm, echt warm. De wind bleef wel maar die stond voor mij in de goede richting š . Dat zorgde dan wel eens voor een steuntje op de toch wel pittige klimmetjes buiten Adelaide. Op de laatste klim werd het echt wreed warm, er was ook nergens schaduw. Het doet dan deugd wanneer je eindelijk een benzinestationnetje tegenkomt. Hoe klein ook, bij een benzinestation hoort hier vrijwel altijd ook een winkeltje en dat kon ik wel even gebruiken. De rit eindigde eigenlijk in Cape Jervis, het stukje aan de overkant was niet te meten š . Ik had eigenlijk, met toch wat reserve, geboekt voor de overtocht van 6 uur maar was nog net op tijd voor die van 3 uur en mocht zo toch direct aan boord. Het was eigenlijk niet de bedoeling maar ik kampeer dus toch op deze reis, al is de tent wel wat groter dan gebruikelijk š . Verder is het toch vrij veel geld voor vrij weinig service maar het was wat beschikbaar was. Covid heeft er in AustraliĆ« schijnbaar toch stevig ingehakt en er lijken nogal wat zaken over de kop gegaan te zijn. Daarom zoek en boek ik toch maar op voorhand, momenteel zelfs al voor de rest van de maand.
Adelaide was vanmorgen weer grijs en eerder winderig maar ik begon de dag toch met een ochtendritje. Kwestie van de benen en de fiets nog eens te testen, morgen begint tenslotte eindelijk het echte werk. Het werd vandaag een ritje naar de zee. Ik kreeg al vlug wat nattigheid maar tegen dat ik aan zee kwam, was het droog en begon het enigszins op te klaren. Ik bereikte de zee in Glenelg, een behoorlijk populair kuststadje, en volgde dan de kust tot bij Exeter om daar Port Adelaide en de al bekende route terug naar de stad op te zoeken. Na de middag wandelde ik dan nog even door de stad. Het was ondertussen behoorlijk opgeklaard en warm.